Liespijn bij sporters: wanneer het probleem niet alleen in de spieren zit

Liespijn is een klacht die we vaak zien bij sporters.

Zeker in sporten met veel sprinten, draaien en trappen komt ze regelmatig voor. De eerste reflex is dan vaak dezelfde: het probleem zit in de spieren, meestal de adductoren met als hoofdschuldige vaak adductor longus.

Vaak klopt dat ook… tot op een bepaald punt.

Bij een deel van de sporters blijft de pijn aanhouden, ondanks een correcte aanpak van die spieren.

Dan is het tijd om breder te kijken.

Syndroom van Mathieu

Recent onderzoek toont aan dat een structuur die vaak onderbelicht blijft, een belangrijke rol kan spelen: het inferior pubic ligament (IPL).

Dit ligament ligt in de regio rond het schaambeen en draagt bij aan de stabiliteit van het bekken. Bij actieve sporters met chronische liespijn zien we opvallend vaak afwijkingen ter hoogte van dit ligament op MRI, wat als hét diagnostisch tool wordt gezien.

Wat daarbij opvalt: dit letsel komt zelden alleen.

Vaak gaat het samen met andere problemen zoals adductor-gerelateerde klachten of botstress rond het schaambeen. Heel vaak worden de pijlen daar in revalidatie ook op gericht. Vaak zonder succes, wat leidt tot frustratie bij therapeut en patiënt.

Wanneer we liespijn enkel bekijken als een spierprobleem, lopen we dus het risico een belangrijk deel van het verhaal te missen. We denken daarom best aan de categorieën binnen de PLAC-letsels. Het IPL speelt in dit geval namelijk een rol in hoe krachten worden doorgegeven rond het bekken.

Als die load transfer verstoord is, kan er overbelasting ontstaan in de hele regio.

Dat verklaart ook waarom sommige klachten blijven terugkomen, ondanks krachttraining of rust. Niet omdat de aanpak fout is, maar omdat het probleem breder is dan enkel de spieren in de liesregio.

Andere benadering

Dit soort klachten vraagt om een andere benadering. Niet enkel sterker maken, maar leren hoe krachten verdeeld worden in het bekken. Belasting moet dan goed worden gemanaged om dat ligament de rust te geven die het nodig heeft.

We mogen ons daarbij dus niet blind staren op één structuur, maar we moeten het geheel beter begrijpen. In de praktijk betekent dit een gefaseerde opbouw: eerst controle, dan kracht en stabiliteit, vervolgens sport-specifieke belasting om dan uiteindelijk volledig terug te keren naar de sport. We kijken daarbij naar het totaalplaatje: de synergie tussen buikspieren en adductoren en de rol die ze samen spelen binnen de complexe rotaties die in explosieve sportieve bewegingen zitten.

Die opbouw vraagt tijd, zeker bij chronische klachten. Wat vaak onderschat wordt, is de lange duur van deze klachten. In veel gevallen gaat het immers om een regio die al gedurende lange tijd overbelast is. Gemiddeld spreken we hier over 2 tot 4 maanden, maar heel vaak kijken we meer richting 6 maanden.

Dat vraagt geduld, de juiste progressie, stapjes durven terugzetten en goed load management. We moeten immers de chroniciteit van het letsel respecteren.

Het geheel moet vooral worden bekeken als een chronisch overbelaste, sensitieve regio. Verwacht je dus aan een trage progressie met hoge kans op herval als je geen rekening houdt met belastingscontrole.

Conclusie

Samenvattend kunnen we het syndroom van Mathieu bekijken als een probleem van verstoorde load transfer rond het schaambeen.

Niet één spier of structuur staat centraal,
maar de manier waarop krachten door het bekken worden verdeeld. De betrokkenheid van het IPL is wel van cruciaal belang.

Dat verklaart waarom klachten vaak:

-        chronisch zijn

-        centraal gelokaliseerd blijven

-        en onvoldoende reageren op een klassieke spiergerichte aanpak

De sleutel ligt dan ook niet in harder trainen,
maar in beter doseren en gerichter opbouwen.

Door deze klachten te benaderen als een probleem van stabiliteit en belasting — en niet louter als spierletsel in de lies — kunnen we gerichter werken aan duurzaam herstel.

Dit artikel werd geschreven door Michael Van Grieken en
Ruben Janssens. Beide heren zijn kinesitherapeut binnen
het departement dat klachten van het onderste lidmaat behandelt
binnen PILAS Tongerlo